Matty van Wijnbergen: ‘Altijd op scherp!’

Muisstil houd ik me als Tinie IJisberg vertelt over de liquidatie van haar vader, één van de Februaristakers. Alleen als de Amsterdamse zich totaal niet meer bewust is van mij en mijn lens kan ik haar goed vastleggen. Ik probeer met het meubilair te versmelten. Ze praat en praat. En dan welt de emotie op in haar ogen. Klikklik. Een traan, gevangen voor de eeuwigheid.

Dit ís ’m, de  foto die het verhaal vertelt, deze vrouw zoals zij is. Geen geflatteerd beeld. Niet iedereen is daar blij mee. Mensen kijken de laatste jaren meteen mee op mijn schermpje en protesteren. Tja, selfies maken ze alleen als ze zich lekker voelen, uit een gunstige hoek, lipjes getuit. Bij een persfotograaf staan ze er niet altijd op hun voordeligst op. En ik retoucheer niks, doe hooguit kleurcorrecties.

Zelfbeeld

Mooi, lelijk, zo kijk ik niet. Iedereen is mooi, vind ik. Sommige mensen zijn zo overtuigd van hun eigen lelijkheid, dat ze op tilt slaan. Ga ik een stukje met ze lopen, dat ontspant.

Veel bekende Nederlanders hebben een verknipt zelfbeeld. Bang voor hun rimpeltjes laten ze aan zichzelf prutsen en dan wordt het onnatuurlijk. Een duckface is geen gezicht.

Scherp

Het onvoorspelbare is het mooie van mijn vak. Ben ik mijn motor aan het poetsen, gaat de telefoon: Matty, meteen naar Purmerend, of hup, nú naar Parijs. Op zondag sta ik vaak langs de voetballijn. Niet ouwehoeren met de concullega’s, niet even beeldjes terugkijken. Continu op scherp, want stel je voor dat ik hèt moment mis. Dat weergaloze doelpunt, die tackle, het juichen.

Eenvoud

Dankbaarder is het om sporters te portretteren, weg van het veld of de baan. Voetballer Dirk Kuijt stelde in december zelf voor de kotter van een vriend te lenen. Trok die Katwijkse visserszoon ook nog spontaan een geel oliepak aan, tussen de groene, gele en rode netten op het houten dek. Ik kon mijn geluk niet op.

Kuijt is klasse in eenvoud. Net als Johan Cruijff. Op een golftoernooi liet Nummer 14 de rest van de vaderlandse pers én Franz Beckenbauer doodgemoedereerd een half uur wachten, terwijl ik hem van links naar rechts en terug dirigeerde. En hij bleef nog aardig ook.

Bad

Omdat schaatser Kjeld Nuis een mooi-boy is, opperden verslaggever Frank en ik dat hij voor de foto in bad zou gaan liggen. Lekker glamoureus, als dressman zou die jongen binnenlopen! Spontaan riep Kjeld ‘ja’, maar hij krabbelde terug toen hij door had dat het ons menens was. Pas voor het argument dat het plaatje het ooit goed zou doen bij zijn toekomstige kleinkinderen, zwichtte hij.

Stond ik dus in een hotelkamer in Wolvega een bad vol te laten lopen, flinke plens Van der Valk-badshampoo erin. Schuim, meer schuim, nog meer schuim. Gelukkig was het een bubbelbad. Lampen neergezet. En daar lag Kjeld, in het warme bad van De Telegraaf. ‘Mooi, herkenbaar, een échte Matty!’, mailde een lezer. En daar ben ik dan weer verlegen mee.

Meest recente berichten

Recente reacties

    Archief

    admin Geschreven door:

    SCHRIJF ALS EERSTE EEN REACTIE

    Geef een reactie

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *